Een Koude Douche

Kijkend naar mijn nogal vette haar neem ik mijn beslissing. Het moet. Het zal toch een keer moeten gebeuren, en straks heb ik tijd genoeg om bij te komen. Maar ja, ik moet vanmiddag wel naar de dokter. Iets zegt mij dat ik het daarom juist moet doen, ik wil er toch niet als een zoutzak bijzitten… Maar aan de andere kant ook weer wel, misschien ziet hij het dán.

Diep in mijn hart weet ik dat het niet uitmaakt, maar ik hunker naar begrip van iemand met verstand van zaken. Zuchtend hijs ik me uit mijn stoel, en pak wat kleding uit de kast. Bij de douche leg ik alles zo klaar dat ik er meteen in kan stappen, als ik eruit kom.

Voorzichtig stap ik in de douche, en was me zo snel mogelijk, voor ik zo duizelig word dat alles begint te draaien. Net op tijd kan ik in de douchebak gaan zitten, veel langer had ik het niet uitgehouden. Ik laat het draaien rustig beginnen, en meedeinen in het ritme van het stromende water. Na een tijdje word ik weer helderder, omdat het stromende water meedogenloos hard neerkomt op mijn rug, en ik de jeuk over mijn hele lichaam begin te voelen. Verrekte waterallergie. Of wat het ook is.

Maar ik kan er nu nog niet onderuit, ik moet mijn haren nog wassen. Ik zie dat ik zo slim ben geweest om de shampoo alvast beneden neer te zetten. Langzaam begin ik met het inzepen, maar mijn protesterende armen willen niet doen wat ik ze opdraag. Even blijf ik zitten, voor ik weer verder ga. En dan uitspoelen. Ik probeer zo voorzichtig mogelijk te doen, maar helaas, ik trek weer een aantal haren zo uit mijn hoofd. Ik lach sarcastisch in mezelf, volgens de kapper is dit niet mogelijk zonder dat je kale plekken op je hoofd krijgt, of dat het haar dunner wordt, terwijl het bij mij nog steeds net zo dik is als altijd. Het bewijs ligt voor me.

Met een laatste krachtsinspanning zeem ik de douchedeur af, waarna ik uitgeput op mijn handdoek ga zitten. Afdrogen gaat niet meer, dus ik laat me opdrogen. Na een tijdje, denk ik, tijd heeft geen betekenis, sta ik langzaam op, om het draaien te voorkomen. Ik kleed me voorzichtig aan. Nou ja, voor de helft. Sokken en trui doe ik later nog wel aan.

Ik kijk in de spiegel, en zie mezelf zoals altijd. In- en inwit, zelfs geen zonnebankkuur kan daartegen helpen, doffe ogen, die nooit echt lachen. Dode ogen zei iemand ooit eens. Een enorm droge huid, met rode vlekken nog van het douchen, en overal pukkels en vlekken. Ik probeer mijn haar te kammen, maar dat is iets teveel, ik moet snel gaan zitten anders begeven mijn spieren het. Ik land in een plas water, waardoor mijn broek nat wordt. Blegh, ik heb geen zin om iets anders aan te trekken. Ik schuif naar de verwarming. Daar kam ik m’n haar, stukje voor stukje, en probeer ik er een elastiekje in te krijgen. Als ik het los laat hangen heb ik het de hele dag ijs- en ijskoud, als ik het vast doe heb ik het ijskoud.

Ik zit bij de dokter. Onderweg in de auto heb ik mijn lijstje overgekeken en in mijn hoofd geprent wat ik wil zeggen. Ik zweef tussen hoop en wanhoop, misschien heeft déze arts het wel door… Er moet toch iemand zijn die wat kan doen? Maar mijn ervaring met andere doktoren leert wel anders.

Ik word binnengeroepen. De dokter geeft me een hand, en ik weet een stoel te vinden. Ik begin te vertellen dat ik ME/CVS heb, en wil mijn verhaal gaan afsteken. Hij onderbreekt me ruw met de opmerking dat ME niet bestaat. “Dat zit tussen je oren. Ik zal je een verwijzing meegeven voor de psycholoog.” Er zijn dagen geweest dat ik ertegen in zou gaan, maar nu weet ik wel beter. Ik probeer nog voorzichtig duidelijk te maken dat het meer is dan ‘moe zijn’, maar ik zie dat hij er niet voor open staat. En daarbij vergt dit kostbare energie, die ik vandaag niet heb. Ik sta op, zeg ‘tot ziens’, en loop de kamer uit. Kwaad bedenk ik mezelf dat ik niet zo moet blijven zoeken, het loopt toch alleen maar uit op teleurstellingen…

Maar ja, later zit ik op internet, en lees over een therapie die zo goed heeft geholpen bij die ene vrouw… Je weet maar nooit… Ik bel op en maak een afspraak.

Column voor Lees ME 8